De consequenties van de westerse vergeldingsactie op Syrië

Het is 2 uur s´nachts als een vuursalvo van 105 raketten op drie militaire doelwitten in Syrië wordt afgevuurd door een coalitie van Frankrijk, Engeland en de Verenigde Staten. Deze aanval was een vergeldingsactie voor het gebruik van verboden chemische wapens door het Syrische regime. Binnen enkele uren reageerde het Kremlin met onheilspellende dreigementen over militaire tegenacties, terwijl president Assad de aanvallers tartte door vrolijk twitterberichten te sturen alsof er niks gebeurd was. Dus wat zijn de gevolgen geweest van deze actie? Was het uberhaupt effectief? Moeten de Russische dreigementen serieus genomen worden en wat zullen de Verenigde Staten nu doen?

Maar voordat deze vragen beantwoord zullen worden eerst wat voorgeschiedenis:

In de afgelopen maanden hebben rebellen rondom de hoofdstad Damascus flink territorium moeten afleveren aan de troepen van Assad, waardoor een flink deel van de rebellengroepen toevlucht hebben genomen naar het noorden van Syrië. Echter bleef een kleine afsplitsing van circa 5000 man van de Jaysh al-islam groep in een stad in Oost-Ghouta, Douma, ten oosten van hoofdstad Damascus. Sinds de onderhandelingen tussen regering en de Jaysh al-islam stukliepen hervatte de regering het bombardement op 6 april, waarbij er door conventionele wapens alsnog meer dan honderd slachtoffers vielen.

Echter gebruikte de Syrische luchtmacht volgens de Activists from the Violations Documentation Center (VDC) tijdens de tweede dag van het bombardement op 7 april tweemaal chemische wapens, de eerste rond 16:00 op de Saada Bakerrij en de tweede rond 19:30 op het Martelaarsplein. Volgens een Brits onderzoeksrapport kwamen er 500 mensen in aanraking met het gifgas en vielen er 40 doden. Door het legeroffensief zijn er nauwelijks buitenlandse instanties in Doumas actief, waardoor er geen duidelijkheid is

Over welk chemisch wapen er gebruikt is. Volgens ooggetuigen en hulpverleners werd er ‘op zijn minst’ gebruikt gemaakt van chloorgas, maar er gaan sterke verdenkingen uit dat Assad het extreem dodelijk zenuwgas ‘sarin’ heeft gebruikt, een onzichtbaar smaakloze dodelijke gifgas verboden onder internationale wetten.

Het Syrische regime heeft samen met Rusland elke verdenking afgeschoven als een leugen; zo beweerde Rusland dat zelfs Engeland achter de chemische aanvallen zou zitten. Maar de internationale ophef was al gestart en Frankrijk beweerde enkele dagen later in deze brief bewijs te hebben dat Assad inderdaad chemische wapens op zijn bevolking had gebruikt. Onder leiding van Macron werd een coalitie gevormd samen met Engeland en de Verenigde Staten en op 14 april werden er 105 raketten afgeschoten op doelwitten in Hom en Damascus met het idee om de chemische capaciteiten van Assad aan te pakken en om te laten zien dat er met een schending van de internationale wetten op vergelding gerekend kan worden. Doordat de de Syrische en Russische regering van te voren waren ingelicht van de aanval kwamen er geen militairen en medewerkers om; er raakten in totaal drie burgers gewond door een afgeketste raket.

Binnen het uur na de aanval reageerde het Kremlin door het een ‘act of aggression’ te noemen, terwijl minister-president Dmitry Medvedev waarschuwde dat het offensief de Verenigde Staten en Rusland ‘op het randje van een militaire botsing brengt.’. Ambassadeur Anatoly Antonov gaf online deze statement:

“A pre-designed scenario is being implemented. Again, we are being threatened. We warned that such actions will not be left without consequences. All responsibility for them rests with Washington, London and Paris.”

1. Dus was de vergeldingsactie in Syrië effectief?

Nee, tenminste niet op de lange termijn. Assad heeft vaker in deze internationale spotlight gestaan en heeft toen altijd kortstondig het chemische bombardement geschort om vervolgens, als de internationale aandacht weer van Syrië af is, gewoon weer door te gaan. Zo ook in 2017, toen de Verenigde Staten op de chemische moord van 80 rebellen in Khan Sheikhoun reageerde door 59 Tomahawk raketten afvuurde op een Syrische luchtmachtbasis. Enkele weken na de aanval gebruikten het regime gewoon weer chemische wapens. De geschiedenis leert ons dus dat de vergeldingsactie volledig ineffectief zijn als afschrikkingsmiddel.

Dit komt deels ook omdat de zogenaamde ‘rode lijn’ eigenlijk een heel vaag begrip is, zeker met betrekking tot de reactie van afgelopen week. Doordat Frankrijk, Engeland en de Verenigde Staten met hun aanval niet hebben gewacht tot de VN veiligheidsraad een rapport hebben opgesteld over de aard van de gebruikte chemische wapens is het dus ook niet volledig duidelijk voor de partijen over welke rode draad Syrië nu heen is gegaan – daarnaast haalt het ook een hoop legitimiteit weg van de aanval. In de toekomst is het dus niet duidelijk of er al vergeldingsacties bij een chloorgas aanval komen of dat deze pas komt als het dodelijke zenuwgas Sarin is gebruikt, noch staat het vast met hoeveel slachtoffers er pas gehandeld word. Zo heeft Assad volgens de schatting van chemische wapen expert Rebbeca Hersman sinds het begin van de burgeroorlog wel 200 keer chemische wapens gebruikt, veelal zonder ophef doordat de lijn niet heel duidelijk ligt.

De aanval was ook niet effectief in de zin van aangebrachte materiële schade. Het bombardement had als hoofddoel de fabrieken van chemische wapens te raken, maar met drie schampere doelen kan het nauwelijks gezegd worden dat deze schade significant is. Daarnaast is het duidelijk dat Assad sowieso al een groot arsenaal heeft omdat het eerder vrijwel niks heeft afgestaan aan de Organisation for the Prohibition of Chemical Weapons (OPCW) in 2013, wat al eerder bekend was uit het rapport van Macron dat vroeg om Syrië aan te vallen. De aanval kan dan ook eigenlijk vrijwel alleen symbolisch worden gezien. Het is een boodschap van het Westen dat ze niet afzijdig van het toneel zullen staan en bepaalde wetsovertredingen niet tolereren, maar over het praktisch nut valt te discussiëren.

2. Hoe geloofwaardig zijn de Russische dreigementen over militaire vergeldingsacties?

Het is absoluut niet waarschijnlijk dat er een open conflict tussen de Verenigde Staten en Rusland zal ontstaan, maar anderzijds is het ook compleet onwaarschijnlijk dat Rusland besluit zijn militaire betrokkenheid stop te zetten. De voornaamste reden voor het vermijden van het open conflict is dat Rusland zelf ook weet dat het voor geen enkele partij voordelig is, zeker met het doembeeld van de koude oorlog in hun achterhoofd. Maar Putin is zelf wel gebaat bij het hebben van een kleiner militair conflict zolang er niet al te veel slachtoffers vallen, wat voornamelijk te maken heeft met zijn populariteit. Putin’s verkiezingsuitslag en populariteitsmeting (ja, zelfs westerse) liegen er niet om: Putin is nog steeds enorm populair in Rusland. Maar de Russische economie heeft het wel extreem zwaar te verduren onder schommelende gas- en olieprijzen en economische sancties voor het annexeren van de Krim. De Russische economie doet het op dit punt zelfs zo slecht, met een afname van 3,7% in 2015, dat het in de top tien slechtst presterende opkomende markten in de wereld is. Om te compenseren voor deze economische missers, verdient Putin vooral nu zijn populariteit door een sterke toon tegen het westen op te slaan, precies zoals hij nu in Syrië doet.

Daarnaast zal Putin niet terugtrekken uit Syrië voor de reden van gezichtsverlies, ook in het kader van zijn populariteit, en om de reeële angst dat Rusland zijn positie verliest op het wereldtoneel als belangrijke mogendheid. Bondgenoot Syrië verleent Rusland namelijk toegang tot diens enige directe haven tot de middellandse zee en verleent daarmee dus ook maritieme macht (hoewel gezegd moet worden dat deze haven ter grote weinig voorstelt.) Indien deze macht verloren gaat verliest Rusland een groot deel van zijn reikwijdte, immers zijn andere bondgenoten in het Midden Oosten zoals Saddam Houssein en Moammar Ghaddaffi ook al omver geworpen door westerse interventie. De annexatie van de Krim vond ook pas plaats na westerse steun om de pro-Russische Oekraïense premier Viktor Yanukovych omver te werpen.

Als we dus kunnen concluderen dat het voor Putin essentieel is om de Russische invloed en macht te behouden op de wereldpolitiek, dan zou het geen rationele keuze zijn om Syrië te verlaten, maar OOK niet echte militaire escalatie met de Verenigde Staten te initiëren. Wel zal waarschijnlijk de escalatie van woorden gewoon blijven doorgaan.

3. Welke acties zullen de Verenigde Staten nu ondernemen?

Door de onbetrouwbare aard van statements uit het witte huis van het Trump-regime is het moeilijk één beleid uit de vele contracterende uitspraken te halen. Zo gaf Trump enkele dagen voor de aanval aan om alle Syrische Troepen terug te brengen, maar twitterde op de dag na het bombardement dat hij niet weg zou gaan voordat alle chemische wapens uit de handen van Assad waren. Een ander voorbeeld voor de onbetrouwbare aard van uitspraken omtrent Syrië is het voorval van Nikki Haley. De Amerikaanse Ambassadrice beweerde afgelopen vrijdag de het witte huis economische sancties op zou leggen aan Russische bedrijven die indirect Assad steunden, alleen maar om enkele uren laten verbeterd te worden door economisch adviseur van het witte huis Larry Kudlow, die beweerde dat het volledige onzin was.

Daarnaast zijn er nog twee strijdende facties binnen het witte huis over wie er de meeste invloed op de president gaat krijgen. De nieuwe nationale veiligheid-adviseur John Bolton, die onlangs de positie van Herbert McMaster heeft overgenomen, tegenover de minister van defensie James Mattis. Met het bombardement heeft Mattis zijn plan doorgekregen bij Trump, maar als John Bolton, die Ambassadeur van de Verenigde Naties tijdens de Bush-Administratie was, zijn plan had gekregen was de interventie van de Verenigde Staten vele malen strenger geweest en had de Verenigde staten gericht op de volledige vernietiging van de Syrische militaire infrastructuur. Het is echter niet zeker wie van de twee er in de toekomst de overhand krijgt. In kader van een minder militant karakter van de oorlog valt er wel te zeggen dat er nog geen Bush-retoriek is gebruikt door bijvoorbeeld voor te stellen om het volledige Assad-regime omver te werpen, zoals gebeurde met Saddam Hoessein na het ‘ontdekken’ van zijn chemische wapens. Maar desalniettemin is het witte huis al een stuk verder gegaan dan president Obama, die in 2013 besloot niet militair te opereren nadat Assad toen ook al met chemische wapens de rode lijn overging. Deze breuk met Obama-beleid laat dus de deur open voor mogelijk meer interventie in Syrië.

Het witte huis heeft wel met deze stap een valstrik voor verdere escalatie voor zichzelf opgesteld: Als Assad opnieuw chemische wapens zal gebruiken- wat hij absoluut zal doen- dan wordt dit niet meer getolereerd door de Verenigde Staten, waardoor ze gedwongen zijn om te handelen. Met deze actie en belofte kan het dus zo zijn dat de Verenigde Staten zich opnieuw in een conflict in het Midden-Oosten heeft gestort die ditmaal met de deelname van Rusland het potentieel heeft voor een grote escalatie. Maar zover het Witte Huis enigszins verdeeld blijft over het plan en met het wisselvallige karakter van het Trump-regime is niks zeker.

Door: Quinten Torre
Foto: Pixabay 2017

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *