De reusachtige impact die de Amerikaanse importheffingen op staal en aluminium op de wereldpolitiek kan hebben

Ex-directeur van Goldman Sachs, Gary Cohn, stapte vorige week dinsdag op als de belangrijkste financieel adviseur van het Witte Huis, nadat president Donald Trump tegen het advies van Cohn in een importheffing op buitenlands staal en aluminium aankondigde. Ook binnen de partij van Trump wordt het voorstel met argusogen aangekeken. Een groep van 107 Republikeinse senatoren heeft een oproep gedaan om af te zien van het wetsvoorstel. De Europese Unie dreigt al met stevige vergeldingsmaatregelen en China spreekt zelfs van een handelsoorlog; waarom wordt er zo heftig gereageerd en wat zullen de gevolgen van het plan zijn?

De importheffing
Oorspronkelijk is de importheffing een oude campagnebelofte van Trump, gericht op stemgerechtigden in staten met veel werknemers in de staalindustrie zoals Alabama en Indiana. Staten waar tevens ook een enorme Republikeinse achterban zit. In deze staten zouden Amerikaanse staalproducenten ten onder gaan door concurrentievervalsing uit het buitenland. Trump bekritiseert voornamelijk China omdat zij onder ‘oneerlijke’ staatssubsidies goedkoop staal op de internationale markt dumpen. Met de importheffing van 25% op staal en 10% op aluminium krijgen buitenlandse fabrikanten het moeilijker, terwijl het speelveld weer gelijk wordt getrokken voor de fabrikanten binnen de Verenigde Staten. Maar waarom zorgt een plan met de intentie eerlijke handel te bevorderen en binnenlandse producenten te beschermen voor zoveel internationale ophef?

Allereest zijn economen het unaniem eens dat de importheffingen schadelijk kunnen zijn voor de Amerikaanse en zelfs wereldeconomie. Doordat de prijzen voor buitenlands staal 25% omhoog gaan zullen binnenlandse staalfabrikanten – die nu niet meer hoeven te concurreren met goedkoop importstaal – waarschijnlijk hun prijzen verhogen. Dit zorgt ervoor dat industrieën die staal gebruiken, zoals de auto-industrie, hun prijzen aan de verhoogde productiekosten moeten aanpassen waardoor de consument slechter af is. De auto-industrie reageerde dus ook bezorgd op het nieuws: zo beweerde ‘The American International Automobiel Dealers Association’ dat verkoopprijzen substantieel omhoog zouden gaan door de heffing. Ook zullen industrieën die staal gebruiken door de verhoogde staalprijzen eerder geneigd zijn om componenten en eindproducten uit het buitenland te halen, wat juist weer schadelijk is voor de staalindustrie.

Daarnaast zijn de positieve effecten volledig disproportioneel verdeeld. Er werken slechts 140.000 Amerikanen in de staalindustrie, terwijl er ruim 6.5 miljoen Amerikanen werken in industrieën die staal gebruiken en het dus moeilijker gaan krijgen. De geschiedenis leert dat importheffingen zelfs een negatieve impact kunnen hebben op de industrie die het tracht te beschermen. Zo resulteerde de vergelijkbare importheffing op staal uit 2002 van president Bush in het verlies van ruim 200.000 banen en zorgde de importheffing op Chinese autobanden uit 2009 van president Obama in slechts het behoud van 1200 banen – voor de kosten van $900.000 per baan – en de daaropvolgende 26% prijsverhoging van de autobanden kostte consumenten 1.1 miljard dollar bovenop de ruim 1 miljard dollar kosten door Chinese economische vergeldingssancties.

Een handelsoorlog
De importheffingen slaan ook nog eens volledig de plank mis met het doel de oneerlijke Chinese concurrentie aan te pakken. Slechts 2% van al het geïmporteerde staal in de Verenigde Staten komt uit China, terwijl de resterende 98% van bondgenoten en handelspartners zoals Canada, Zuid-Korea, Japen en de Europese Unie komt. En hoewel Trump een uitzonderinsgpositie aan sommige landen zoals Canada, Mexico en Australië heeft gegeven, zal dit grote economische gevolgen hebben voor de overige landen. Gevolgen die niet zonder tegenmaatregelen zullen blijven. De Europese Unie schat de schade op haar markt in op 2.8 miljard en heeft daarop economische sancties opgesteld die dezelfde schade terug zullen brengen als Trump doorgaat met zijn plan. Typisch Amerikaanse producten zoals Bentleys, Levi Jeans en Chewing Tobacco krijgen het zwaar te verduren. Dit zijn voornamelijk goederen wiens productie grotendeels plaatsvindt in de staten van prominente Republikeinse figuren zoals Paul Ryan en Mitch McConnell. Andere landen zoals Zuid-Korea en China spreken ook al over sancties.

Economen en Republikeinen waarschuwen dat het protectionistisch gedrag van Trump zal leiden tot een handelsoorlog, waarop Trump reageerde met de tweet: ‘Trade wars are good, and easy to win.’ Maar historisch gezien is er weinig bewijs voor deze claim en heeft een handelsoorlog vrijwel altijd geleid tot een economische recessie waarbij alle betrokken partijen verloren. De belangrijkste handelsoorlog van de 20e eeuw begon in 1930, vlak na de beurskrach, met de ‘Smooth-Hawley Tariff act’ welke een importheffing op bijna 20.000 producten zette. Na ingang van de wet reageerde handelspartners met economische sancties, wat leidde tot een handelsoorlog waardoor de Amerikaanse export daalde met 61%. De ‘Smooth-Hawley Tariff act’ is een grote reden geweest waarom de economische depressie langer aanhield en kan gerekend worden als een van de factoren die meespeelde bij de opkomst van Nazisme en andere fascistische partijen, aldus de New York Times. Er is een universele overeenstemming tussen historici dat niemand beter uit de handelsoorlog is gestapt.

A Wall Street Journal summarized those concerns: “This tax increase will punish American workers, invite retaliation that will harm U.S. exports, divide his political coalition at home, anger allies abroad, and undermine his tax and regulatory reforms.”

Het WTO
Daarnaast is er nog het probleem dat Trump met deze importheffing de autoriteit van de World Trade Organisation verder – China’s onvolledige naleving van de regels van het WTO wordt vaak als een dreiging gezien voor het voortbestaan van het instituut – aantast. Normaal zouden zulke importheffingen niet mogelijk zijn, maar Trump weet het orgaan te omzeilen doordat hij artikel XXI aanhaalt van de ‘General Agreement on Tariffs and Trade’ die ervoor zorgt dat de WTO geen partij mag beletten om acties te ondernemen die noodzakelijk zijn voor de nationale veiligheid. Maar de claim dat de importheffing op staal en aluminium hiervoor noodzakelijk is, is ronduit zwak. Trump beweert dit omdat het leger afhankelijk is van staal en aluminium om te functioneren en met buitenlandse exporteurs als belangrijkste leveranciers is dus het voortbestaan van het leger onzeker. Maar de Verenigde Staten produceert al 2/3 van hun staal zelf, terwijl het leger slechts 2 tot 3% van het totale ijzer gebruikt. Daarnaast heeft Amerika een militair verbond met zijn grootste leverancier van staal, Canada.

De opening om het WTO te omzeilen binnen de ‘General Agreement on Tariffs and Trade’ bestaat al sinds het ontstaan van het instituut in 1995. Echter heeft geen enkel land er nog aansprak op gedaan omdat ze bang waren dat als deze deur eenmaal geopend zou zijn, staten er gebruik van zouden maken en het WTO daarmee effectief zijn volledige autoriteit zou verliezen. Het Witte Huis heeft dus met deze importheffing een ’gentlemen’s agreement’ die al 23 jaar bestond gebroken. Als andere landen dit voorbeeld zouden gaan volgen zou het een serieuze dreiging zijn voor vrije internationale handel zoals we die nu hebben.

De Republikeinen
Met deze beslissing gaat Trump lijnrecht in tegen de ideologie van de Republikeinse partij van een vrije markt en minder overheidsbemoeienis. Hierdoor hebben meerdere Republikeinse senatoren zich publiekelijk uitgesproken tegen de importheffing, met hoogtepunt de brandbrief ondertekend door 107 Republikeinen. Ondanks de impopulariteit van het wetsvoorstel kan Trump de heffing doorvoeren door het Senaat te omzeilen. Hij doet dit door beroep te doen op sectie 232 van de ‘Trade Expansion Act of 1962’. Deze wet geeft de minister van handel de autoriteit, in dit geval de sterke voorstander van de wet Wilbur Ross, om onderzoek te doen naar de impact van een bepaalde import, waarop de president kan reageren door zonder een Kamermeerderheid een importheffing op te stellen.

Maar het Senaat kan ondanks deze omzeiling nog steeds een dreiging vormen voor Donald Trump, doordat de Republikeinen en Democraten nu aan dezelfde kant staan. Meerdere senatoren hebben aangegeven dat ze onder geen enkele voorwaarde de importheffingen zouden laten doorgaan. Republikeinse senator Mike Lee heeft zelfs een wetsvoorstel geïntroduceerd die het de president onmogelijk zou maken om handelsbeleid op te stellen zonder dat het eerst door het Senaat goedgekeurd wordt. De importheffingen markeren de eerste keer dat er een volledige breuk tussen Trump en de Republikeinse partij is, maar als de breuk resulteert in een limitatie van de presidentiële macht, kan het grote invloed hebben op de relatie tussen de twee.

Als de importheffing op staal en aluminium doorgaat kan het een grote impact hebben op de wereldpolitiek. Het is echter nog eerst de vraag of het WTO de claim accepteert dat de maatregel noodzakelijk is voor het handhaven van de nationale veiligheid en hoe het Senaat zal reageren als Trump de wet doorvoert.

 

Door: Quinten Torre
Foto: Max Pixel 2018

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *