Brexit: de vrede terugwinnen

23 juni wonnen de Brexiteers een oorlog die jaren had aangesleept. In 1992 al, toen de Conservatieve premier John Major het verdrag van Maastricht tekende, verscheurde hij zijn eigen partij. Vele van zijn partijgenoten konden de nieuw geboren Europese Unie, met de belofte van de Euro en het opheffen van grenzen, niet uitstaan. Verscheurd en verdeeld werd het veroordeeld tot lange, lange jaren op de oppositiebankjes. Pas in 2010 zouden de Tory’s weer de grootste partij weten te worden onder ene David Cameron, die de Eurosceptische vleugel, de ‘rebellen van Maastricht’, onder controle had gekregen. Als voormalig PR-man, wist hij de hele schuld van de financiële crisis handig in de schoenen van Labour te schuiven.  

Labour had ondertussen onder Tony Blair en Gordon Brown een volledige transformatie doorgemaakt. In 1975, toen de Britten voor het eerst naar de stembus gingen over hun lidmaatschap van wat toen nog de Europese Economische Gemeenschap heette, kwam het verzet nog hoofdzakelijk van links. Socialisten zoals Jeremy Corbyn – ja, toen al – streden tegen wat zij zagen als een neoliberale machine. Tory England was verreweg het meest ‘Eurofiel’ in die jaren, slechts 32 procent stemde ‘No’. Het is frappant dat het meer linkse Schotland en Noord-Ierland (die op 23 juni Remain stemden), destijds de meest Eurosceptische delen van het Koninkrijk waren. Echter, het duo Tony Blair en Gordon Brown vormden in de jaren ’90 Labour om tot New Labour. Gedaan met het militante socialistische imago. Na 12 jaar van Conservatieve regeringen, moest Labour gematigd zijn, progressief liberaal, en zeker pro-Europees. De politieke zelfmoord van John Major deed de rest.

En zo leek het tegen het uitbreken van de financiële crisis alsof de Britten zich hadden verzoend met haar lidmaatschap van de EU. Maar schijn bedriegt, want de eilandnatie had de EU nooit volledig in haar hart gesloten. Het verlies van het Britse Rijk deed nog altijd pijn, en de Britten hadden de EU altijd alleen geaccepteerd op basis van economische argumenten. Het feit dat buitenlandse rechters en buitenlandse commissarissen de Britse regering konden vertellen wat ze al dan niet mochten doen en laten, het stak nog altijd. Nu de economische argumenten niet langer valide leken, kreeg het sluimerende scepticisme de wind in de zeilen.

En zo bracht de financiële crisis oud zeer aan het oppervlak. Het tot dan toe marginale UKIP, met clown Farage aan het hoofd, wist er wel raad mee. In 2009 behaalde het in de Europese Parlementsverkiezingen 12 zetels, in 2014 behaalde het 24 zetels. Ook binnen de Tory’s en zelfs binnen Labour begonnen de Eurosceptici zich weer te roeren. De druk leek zo hoog – of het zo was, zullen we nooit weten – dat David Cameron zich geen keuze zag dan bij de verkiezingen van 2015 het Britse volk weer een referendum te beloven. Hij had het idee zelf nota bene 10 jaar lang bestreden.

De rest is geschiedenis. Vote Leave won het referendum. Maar zoals wel vaker, na een oorlog, moet ook nu ook de vrede gewonnen worden. Want hoewel Theresa May niet vaak genoeg de zin ‘Brexit means Brexit’ kan herhalen, zijn er genoeg – zelfverklaard Remoaner Nick Clegg voorop – die slechts op de meest minimalistische manier aan de uitslag willen voldoen. Dit door uitsluitend de Europese Unie te verlaten, maar niet de zogenaamde gemeenschappelijke markt. Dit betekent dat de handel vrijwel ongehinderd door zou kunnen gaan. Echter, het zou moeten blijven betalen, aan een behoorlijk aantal EU-regels moeten blijven voldoen, en nog altijd geen enkele controle hebben wie het land wel en niet in komt. Er zou, kortom, bijna niets veranderen.

Het centrale argument hierbij is altijd dat de vraag op het stembiljet luidde of het land bij de EU zou moeten blijven (Remain) of de EU zou moeten verlaten (Leave). Nergens in die vraag stond de term gemeenschappelijke markt, en dus zou het parlement alle ruimte moeten krijgen om de Brexit op een door hun gewenste wijze in te vullen. Het eerste is absoluut waar. Hoewel zowel de Remain als de Leave campagne er wel degelijk over hadden gesproken, was de gemeenschappelijke markt geen deel van het hart van het debat, laat staan dat het op het stembiljet stond.

Een ander belangrijk argument dat de Remoaners aandragen, is dat het Brexit kamp geen plan had, en dat het parlement nu dus maar een plan moet maken, omdat de Leave campagne dit heeft nagelaten. Dit is echter geen steekhoudend argument. De Leave campagne zou immers bij succes niet worden verkozen tot een soort Brexit regering. Zelfs als ze de moeite had genomen om in enkele maanden een alomvattend plan te schrijven voor Brexit, had ze het niet mogen uitvoeren. Daarnaast was de Leave campagne er één van zowel Labour als van de Tory’s. Het is verre van reëel om te verwachten dat sociaaldemocraten en conservatieven, hoewel verenigd op dit punt, dezelfde visie zouden hebben op post-Brexit Britain.

Maar Nick Clegg en de zijnen, doen alsof het referendum geen enkele context had. Alsof de uitslag zo geïnterpreteerd kan worden dat alleen het verlaten van de EU genoeg is. Zeker, er was geen uitgewerkt plan en de gemeenschappelijke markt stond niet op het stembiljet, maar wie de debatten heeft gezien, weet dat er wel degelijk punten waren waar de Britse bevolking vóór heeft gestemd. Neem de slotopmerkingen van Boris Johnson bij het debat op de BBC – gehouden voor 19.000 mensen in de Wimbledon Arena, 2 dagen voor het referendum:

‘’If we vote Leave, we can take back control of our borders, of huge sums of money – 10 billion pounds a year net – of our tax-raising powers, of our trade policy, and of our whole law making system – the democracy, that is the foundation of our prosperity. […] If we vote Leave, and take back control, I believe that this Thursday, could be our country’s Independence Day!’’

Wat de Remoaners verder ook van deze tekst mogen vinden, het is slechts één voorbeeld van de boodschap die weken werd herhaald. Iedereen weet ook dat deze centrale boodschap, controle over eigen wetten, over eigen geld, en over eigen grenzen, niet compatibel is met lidmaatschap van de gemeenschappelijke markt, met geharmoniseerde regels, financiële bijdragen, Europese rechters en het vrij verkeer van personen. Iedereen in het Verenigd Koninkrijk die zich met hart en ziel heeft ingezet voor Vote Leave, voor democratie, die een stem heeft gegeven aan de talloze mensen die zich niet meer bekommerden om politiek, zal moeten blijven opletten. Opdat het resultaat van het referendum wordt gerespecteerd, opdat de vrede niet wordt verloren.

 Dit artikel is geschreven door politicologiestudent en Politeia-redacteur Daniel Dekker. 

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *