Blond en nationalistisch: het geheim achter het succes

Donald Trump, Nigel Farage, Marine Le Pen en onze eigen Geert Wilders. Naast dat ze extravagante en haast iconische verschijningen zijn hebben deze politici twee belangrijke kenmerken gemeen. Ten eerste is hun politiek in grote mate nationalistisch en ten tweede: ze zijn populairder dan ooit tevoren.

Vanaf 2010 is het nationalistische gedachtegoed aan een enorme opmars bezig. Er is vrijwel geen enkel Europees land dat niet zijn eigen versie van een Wilders of Trump heeft. In negen Europese landen, waaronder bijvoorbeeld Macedonië, Polen en Zwitserland, behoort er een nationalistische partij tot de regering. Hoe komt het dat het nationalisme nu ineens zo populair is?

Nationalisme: de basis
Er bestaan verschillende vormen en varianten van het nationalisme. De kern van het gedachtegoed is het idee dat de wereld is verdeeld in naties en dat de natie de enige legitieme basis voor een regering is. Daarbij geldt een principieel geloof in nationaal zelfbeschikkingsrecht. Het is vanuit dit zelfbeschikkingsrecht dat nationalisme veelal samengaat met Euroscepsis. Binnen deze brede grenzen bestaan er ettelijke vormen van en variaties op nationalisme. Denk aan Geert Wilders die er een anti-Islamitische draai aan geeft. De voorbeelden uit de eerste zin van dit artikel zijn allemaal vrij rechtse politici, maar er bestaat ook links-nationalisme. Denk hierbij aan Fidel Castro, die naar eigen retoriek de uitbuiting van kapitalistische buitenlanders bestreed. Verder kan het gecombineerd worden met xenofobie, populisme of zelfs fascisme, zoals wordt toegeschreven aan bijvoorbeeld het Griekse ‘De Gouden Dageraad’. In de 20e eeuw was er verder nationalisme in de vorm van antikolonialisme.

“This country … abounds in that Cuba is a heaven in the spiritual sense of the word, and we prefer to die in heaven than serve in hell”. – Fidel Castro over Cuba en de dreiging van het kapitalisme.

Wat zegt de wetenschap?
Om een verklaring te vinden voor de opkomst van het nationalisme dompelde ondergetekende zich in de relevante wetenschappelijk literatuur. Ondanks een onzinnige overdaad aan jargon die enkel in de politicologie te vinden is, is het gelukt om de belangrijkste vormen van nationalisme en hun ‘oorzaken’ te vinden. Er zijn twee overkoepelende vormen van nationalisme: burgerlijk nationalisme en etnisch nationalisme.

Burgerlijk nationalisme wordt ook wel liberaal nationalisme genoemd omdat het veelal verenigbaar is met liberale waarden. Het is een gematigde vorm van nationalisme waarbij gemeenschappelijke politieke en maatschappelijke waarden als waardevol wordt beschouwd. Denk hierbij aan het Amerikaanse patriotisme waarbij nagenoeg alle burgers vrijheid en democratie als waarden delen, ongeacht politieke voorkeur.

Etnisch nationalisme is de vorm van nationalisme die de laatste jaren het meest in populariteit is gegroeid. Bij etnisch nationalisme heerst het geloof dat een volk verbonden wordt door een gemeenschappelijke cultuur en etnische identiteit. Hierbij is soevereiniteit voor de desbetreffende natie cruciaal en wordt zeggenschap van buiten als bedreiging voor de natie gezien. Verder worden uitheemse invloeden op de gemeenschappelijke cultuur en identiteit als bedreigingen ervaren.

De ‘echte’ bedreigingen
Uit deze twee ervaren bedreigingen volgen de belangrijkste redenen voor de groei van het nationalisme de afgelopen jaren. Allereerst wordt de toename van competenties en verantwoordelijkheden van de EU als bedreiging voor de nationale soevereiniteit ervaren door onder meer het Engelse UKIP en de Deense Volkspartij.

Verder draagt de vluchtelingencrisis en de associatie van onrust en geweld met Islamitische landen bij aan de ervaren bedreiging voor de gemeenschappelijke cultuur. Onder meer Donald Trump en de Noorse Progressieve Partij ervaren dergelijke bedreigingen.

Partijen als de PVV, het Franse Front National en de Partij voor de Finnen overtuigen kiezers door op beide bedreigingen in te spelen. En wellicht geven ze hen het gevoel de zorgen te begrijpen en het te willen helpen. Persoonlijk denk ik dat nationalistische politici in grote mate zelf de angst creëren waar ze de vruchten van plukken. Door vergezochte en extreme uitspraken verzekeren ze zich van zendtijd en geven mensen een gevoel van onveiligheid.

Typisch is de verkiezingsslogan van Donald Trump: “Make America great again!”. Trump schetst hierbij het beeld dat de welvaart van Amerika wordt bedreigt door zaken als immigranten (met name uit Mexico) en de Chinese economie. Dat terwijl het BBP van de VS het huidige decennium hoger is dan ooit tevoren.

Hetzelfde geldt voor de veiligheid. Door globalisering heeft wereldproblematiek een grotere invloed op binnenlands beleid dan vroeger. Dertig jaar geleden zou de oorlog in Syrië voor velen niet meer dan een ver-van-mijn-bed-show zijn, terwijl we daar nu rechtstreeks de gevolgen van ondervinden. Toch leven we in de veiligste tijd op aarde ooit, en klopt het beeld van een Europa in verval niet.

Wordt Trump president?
Hoe het nationalisme zich ontwikkelt hangt voornamelijk af van zijn belangrijkste product: angst. Als het nog jaren duurt voordat het Syrische conflict geen invloed op de westerse wereld meer heeft, zou dit een ‘welkome’ voedingsbodem zijn voor politici als Wilders en Donald Trump.

Of Trump president wordt en Wilders op termijn premier is niet te zeggen. Wel zien wetenschappers het nationalisme als een blijvende ideologie als gevolg van globalisering die zijn stempel gaat drukken op deze eeuw.

Dit artikel is geschreven door Jasper Opsomer. Lees ook zijn column ‘waarom ik niet de politiek in wil’.

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *