Waterschapsverkiezingen

Vandaag, tegelijk met de Provinciale Statenverkiezingen, mogen we ook stemmen voor de waterschapsverkiezingen. Na al het geweld in de tv-debatten, die eigenlijk helemaal niets te maken hadden met de vertegenwoordigers die we moeten gaan kiezen, staan de waterschappen wel heel ver weg van de kiezer. En toch worden we gevraagd ervoor te stemmen. Waarom? En wat valt er nu eigenlijk te kiezen?

De eerste waterschappen zijn opgericht in de 12e eeuw. De structuur waarin men toen samen voor de waterhuishouding zorgde zien we nog steeds overal terug in Nederland: het poldermodel. Samen kijken we wat er moet gebeuren om te zorgen dat het hele land droge voeten houdt. Op dit moment zijn er nog 24 waterschappen over, een aantal dat over de komende jaren nog iets zal krimpen door fusies. Namens Kieskompas ben ik bij een derde van deze waterschappen geweest om daar met de partijen te praten over wat er vandaag te kiezen valt.

In die besprekingen kwam de vraag op waar die hele waterschappen nu voor nodig zijn en waarom er eigenlijk verkiezingen zijn. In deze post werken we het rijtje eens gewoon af. Waarom zijn er verkiezingen? Als we ze afschaffen, moeten de waterschappen dan onderdeel worden van de provincies of onafhankelijk blijven? En tot slot, dat waar veel Nederlanders nu benieuwd naar zullen zijn: Wat valt er eigenlijk te kiezen en waar moet ik op letten morgen in dat stemhokje?

Verkiezingen?

Er spelen twee belangrijke redenen om verkiezingen te houden in de waterschappen. De eerste hebben we al kort aan geraakt, er speelt namelijk een gevoel van traditie. Onze Nederlandse waterschappen waren de bakermat van onze democratie en het functioneren van bestuur in Nederland. Symbolisch als het is kun je hier waarde aan hechten, je kunt natuurlijk ook kiezen om het niet te doen.

De tweede reden valt kort samen te vatten in de klassieke zin no taxation without representation. De waterschappen heffen een belasting (voor actuele tarieven, zie http://nos.nl/artikel/2025190-hoe-duur-is-jouw-waterschap.html). Elk waterschap krijgt een bijdrage van het rijk en vult dat aan met waterschapsbelastingen. De waterschapsbelastingen worden vastgesteld door het waterschap op basis van wat zij denken nodig te hebben.

<img> src=”http://app.nos.nl/datavisualisatie/infographic/onderwerp/20150317waterschap/graphic-858.jpg” </img>

Bron: NOS

Als we naar het kaartje kijken valt al snel op dat de waterschappen die polders in bezit hebben (bijvoorbeeld Zuiderzeeland en Hollands Noorderkwartier) en waterschappen met veel grote rivieren (bijvoorbeeld Rivierenland tussen Nijmegen en Dordrecht) duurder zijn. De goedkopere waterschappen zijn hoger gelegen of hebben minder grote rivieren. Doordat aan waterschappen strenge eisen worden gesteld voor de dijken, eisen die eigenlijk niet haalbaar zijn met de toelage van het rijk, kunnen waterschappen voor een hogere belasting kiezen om alsnog aan die eisen te voldoen.

De simpele reden om verkiezingen te houden is dan dus dat je er belasting voor betaalt. Betaal je belasting dan moet je ook het recht hebben te controleren hoe men met je belastinggeld omspringt en eventueel slecht bestuur in het stemhokje af te straffen.

Hoe anders?

Waterschapsbestuurders noemen het waterschap vaak een functionele democratie. Daarmee doelen ze erop dat het waterschap vooral een uitvoerende taak heeft. De provincie maakt keuzes op het gebied van ruimtelijke ordening en het waterschap heeft dit te volgen. Als de provincie een gebied agrarische functie geeft dan moet het waterschap dat mogelijk maken. Daarnaast werken de waterschappen toe naar opgelegde eisen met betrekking tot waterkwaliteit en waterveiligheid.

Eén van de partijen die daaruit de conclusie trekt dat het anders kan is 50PLUS. Deze partij heeft geprobeerd overal mee te doen, niet met standpunten over specifiek ouderen, maar ook met kritische vragen over de organisatie. Als de provincie deze taken gewoon kan uitvoeren, waarom zou er dan een waterschap moeten bestaan?

Stel je dit echter voor aan een waterschapsbestuurder dan krijg je bijna gegarandeerd een afkeurende reactie. De waterschapsverkiezingen afschaffen zou dan misschien nog kunnen, de onafhankelijkheid van de waterschappen opheffen is onmogelijk. De bestuurders hechten namelijk grote waarde aan de budgettaire onafhankelijkheid van de waterschappen.

Op dit moment steken waterschappen zich in de schulden of kijken ze naar belastingverhogingen om aan de laatste eisen te voldoen. De waterschappen samen hebben elk jaar weer miljarden euro’s op hun begrotingen staan. Je kunt het duur vinden, maar als het is op zich niet zo gek om veel geld uit te geven aan onze waterkwaliteit en waterveiligheid. Als je dit vergelijkt met bijvoorbeeld de begroting van de provincie Utrecht dan hebben de waterschappen die daar opereren al gauw een begroting die 40% is van die van de provincie. Zou je de twee samenvoegen dan vormen dit meteen een paar van de grootste posten op de begroting.

De laatste jaren moeten alle bestuurslagen bezuinigen. Als je bestuurslagen samenvoegt komen watertaken als een gigantische post terecht op de begrotingen van de provincie of het rijk. Dwing politici vervolgens te bezuinigen en dan is het wel makkelijk te wijzen naar de grootste pot geld. Als de waterschappen met het huidige budget al hun wettelijke taken perfect zouden kunnen doen dan hadden ze het wel gedaan, maar de realiteit is dat het vaak tekort schiet. Als dat nu al puzzelen is dan, zo vreest men, kunnen we wel eens stevig in de knel komen met het water.

Stemmen

Maar goed, daar kunnen we het nog lang over hebben. Eerst moet er gestemd worden, want zo zit het nou eenmaal in elkaar nu. Waar moet je naar kijken? Het eerste wat opvalt als je de kieslijst ziet is dat er partijen tussen staan die verder nergens meedoen; de waterschapspartijen. Water Natuurlijk, bij de vorige verkiezingen de grootste, en de Algemene Waterschapspartij doen in alle waterschappen mee. Veel van de nationale partijen doen dan ook helemaal nergens mee. Buiten dat het nieuwe thema’s zijn zul je ook naar nieuwe partijen moeten kijken.

Van de waterschappen weten we dat bepaalde taken wettelijk verplicht zijn. Voor een bepaald minimum moet het waterschap bijvoorbeeld water zuiveren en zo zijn er ook eisen die gesteld worden aan dijken. De keuze ligt soms in het maken van beslissingen binnen die wettelijke taken en soms in het maken van keuzes bovenop die wettelijke taken.

Waar gaan de verkiezingen dan over? Een aantal tegenstellingen verdeelt de partijen, en daar kun je je keuze op baseren. De eerste die sterk naar voren komt is landbouw versus natuur. Zoals al gezegd wijst de provincie deze gebieden aan, maar het waterschap kan wel kiezen om meer te investeren om landouw en industrie perfect te bedienen of te stoppen wanneer aan de taak is voldaan. Hier vind je overal Water Natuurlijk aan de kant van de natuur en vaak een SGP/VVD of een lokale partij daar tegenover.

Een andere vraag die terugkomt is de balans tussen stad en platteland, of tussen burgers en bedrijven. Een aanzienlijk deel van de waterschapstaken komen ten goede aan de landbouw en dat wordt ook betaald van de heffingen die door burgers worden opgebracht. Is dit terecht of moet er beter gekeken worden naar die verdeling?

Uiteindelijk is niemand tegen schoon water, zul je niemand zien die graag blauwalg wil gaan knuffelen en wil al helemaal niemand de dijken afbreken. Kijk dus naar de verkiezingsprogramma’s of websites en lees voorbij de dingen die het waterschap altijd doet en ook volgens de wet moet doen en ga op zoek naar de bovenstaande tegenstellingen en eventuele andere idealen. Dat is waar partijen het verschil kunnen maken en dat is waar deze verkiezingen om gaan.

Max Boiten heeft aan de VU de bachelor Politicologie gevolgd en werkt voor Kieskompas.